Triberg digitaal
Station Triberg bestaat technisch gezien uit twee delen. Het oorspronkelijke station bestaat uit vijf sporen en maakt deel uit van de grote analoge 3 rail Märklin baan. De wisselstraten in dit analoge deel van het station worden handmatig ingesteld op een eigen bedientafel. Het station heeft de functie als grensstation richting de Bergbaan met de mogelijkheid lokwisseling toe te passen. Dit bleek in de praktijk toch wat lastig door de positie van de bedientafel ten opzichte van het station. Daar was ooit voor gekozen om het publiek vrij zicht te geven op het station. Gaandeweg kwam het idee om het station uit te breiden met 5 sporen met aan beide zijden een tuin voor het opstellen van de locomotieven en links en rechts van het station een bedienpaneel en handregelaar om lokwisseling te kunnen toepassen. Door een teruglopend aantal actieve leden werd de bemensing van de bediening een probleem, zeker tijdens Kijkdagen. Dit zorgde voor een nieuwe uitdaging.
Digitalisering
Die uitdaging zat in het digitaliseren van de uitbreiding van het station met koppelingen naar de analoge hoofdbaan richting station Wapstad en de Bergbaan. Het gevolg was dat ook de Bergbaan moest worden gedigitaliseerd om van het station geen digitaal eiland te maken. Besturing vindt plaats met behulp van een pc waarop het programma Koploper draait. Dit programma heeft de mogelijk tot een automatische treinenloop. Door tevens te kiezen voor de ESU Multi protocol lokdecoder is het theoretisch mogelijk locomotieven met een decoder te laten rijden op de analoge Märklin baan. Dit hebben we echter in de praktijk nog niet aangedurfd; de beveiliging van de analoge Märklin baan is op basis van 48Vdc relais. De kans is aanwezig dat, onder bijzondere omstandigheden, deze 48Vdc op de decoder terecht komt. Dat betekent dan einde oefening voor de decoder.
Gekozen is voor de eerste generatie Digitaal van Märklin, besturing via het programma Koploper op een pc en de ESU Lokpilot als decoder. Deze decoder is Multi protocol wat wil zeggen dat de decoder zowel het Motorola protocol (MM) van Märklin als het DCC protocol aan kan. Als we dus ooit besluiten om een andere digitale centrale te gaan gebruiken, met bijvoorbeeld standaard het DCC protocol, dan hoeven we de decoders in de locomotieven niet te vervangen.
Digitale onderdelen van het station:
⦁ Märklin 6051 Central Station.
⦁ Märklin 6021 Interface
⦁ Viessmann Wisseldecoders
⦁ Conrad bezetmelders met massadetectie
⦁ OM32S seindecoders
⦁ BMD16N-SD bezetmelders met stroomdetectie (Tandradbaan)
In de eerste opzet werden het station Triberg en de Bergbaan met een eigen pc en Koploper bestuurd. Daarbij werd gebruik gemaakt van de netwerkversie van Koploper. Dit is later weer aangepast en toen werden station Triberg en de Bergbaan samengevoegd naar één pc en Koploper bestand. Daarvoor is een Märklin 6015 booster toegevoegd aan de configuratie. Op deze configuratie is nu station Triberg, de Bergbaan maar ook het 2 rail Tandrad baantje aangesloten.
.
Blokschema digitale besturing Triberg/Bergbaan:
De techniek en de sporen in beeld
In de systeemkast Triberg zijn de wisseldecoders en de OM32s voor de seinen ondergebracht. Tevens de elektronische rijgelaars voor Triberg Analoog. Daarboven links is het (oude) bedienpaneel zichtbaar.
Op de foto hierboven komt het derde spoor van rechts af gezien overeen met spoor 219 in deel 3 van het sporenplan (zie onder). Dit spoor is de uitgaande verbinding tussen Triberg digitaal en de analoge hoofdbaan richting Wapstad. Het vijfde spoor vanaf rechts gezien (langs de onderste muur) is spoor 220 in deel 3 van het sporenplan. Dat is de analoge hoofdbaan van Wapstad naar Triberg analoog. In principe zouden digitale locomotieven op dat spoor via het links afbuigende wissel en het kruiswissel terug kunnen keren naar Triberg digitaal. Zoals eerder vermeld durven wij het vanwege de analoge 48Vdc beveiliging op de hoofdbaan niet aan om digitale locomotieven naar Wapstad te laten uitrijden.
Sporenplan Triberg digitaal